| Beroepsprofiel | Andere essentiële vaardigheid | Nog een gesprekshaakje |
|---|---|---|
| gespecialiseerd fysiotherapeut | geavanceerde klinische praktijken in de fysiotherapie bieden | testen voor fysiotherapie voorschrijven |
| fysiotherapieassistent | fysiotherapeuten assisteren | patiëntenontslag bij fysiotherapie ondersteunen |
| fysiotherapeut | technieken van cognitieve gedragstherapie gebruiken | de fysieke toestand van klanten beoordelen |
This publication uses the ESCO classification of the European Commission. Eigen uitwerking van ESCO v1.2.0. Bronbegrip 029e2bb0-6dd8-4600-bb89-ac7480ae8fb0. Iedere rij toont gekoppelde labels, geen vereiste Nederlandse beroepsbevoegdheid.
Gesprek vanuit gespecialiseerd fysiotherapeut
Een gespecialiseerd fysiotherapeut heeft in de classificatie 65 essentiële kennis- en vaardigheidsrelaties. Vanuit ‘bijdragen aan hoogwaardige fysiotherapeutische diensten’ zijn ‘geavanceerde klinische praktijken in de fysiotherapie bieden’ en ‘testen voor fysiotherapie voorschrijven’ twee extra ingangen voor een gesprek over dat beroep. In 1 van de 4 profielen staat de combinatie met ‘geavanceerde klinische praktijken in de fysiotherapie bieden’; voor de combinatie met ‘testen voor fysiotherapie voorschrijven’ is dat 1. Vraag welke rol ‘geavanceerde klinische praktijken in de fysiotherapie bieden’ speelde vóór iemand aan ‘bijdragen aan hoogwaardige fysiotherapeutische diensten’ begon. Hoe zou een fysiotherapieassistent datzelfde werkmoment beschrijven als ‘fysiotherapeuten assisteren’ in de voorbereiding meespeelt?
Gesprek vanuit fysiotherapieassistent
Binnen de groep met ISCO-code 3255 komen hier 1 beroepsprofielen voor, waaronder fysiotherapieassistent. Twee essentiële begrippen naast ‘bijdragen aan hoogwaardige fysiotherapeutische diensten’ zijn ‘fysiotherapeuten assisteren’ en ‘patiëntenontslag bij fysiotherapie ondersteunen’. In de geselecteerde groep van 4 beroepen is het eerste begrip in 1 profielen essentieel en het tweede in 1. Laat iemand uit fysiotherapieassistent voor ‘patiëntenontslag bij fysiotherapie ondersteunen’ de overdracht aan een collega beschrijven. Vergelijk het antwoord met dat van gespecialiseerd fysiotherapeut over ‘testen voor fysiotherapie voorschrijven’. Welke handeling kon de collega in beide voorbeelden zelf terugzien?
Gesprek vanuit fysiotherapeut
Voor fysiotherapeut liggen andere accenten bij ‘bijdragen aan hoogwaardige fysiotherapeutische diensten’. Op de essentiële lijst met 90 begrippen staan ook ‘technieken van cognitieve gedragstherapie gebruiken’ en ‘de fysieke toestand van klanten beoordelen’. Onder alle bronberoepen bij ‘bijdragen aan hoogwaardige fysiotherapeutische diensten’ is de combinatie met ‘technieken van cognitieve gedragstherapie gebruiken’ 1 keer aangetroffen en die met ‘de fysieke toestand van klanten beoordelen’ 1 keer. Vraag aan een fysiotherapeut wat bij ‘technieken van cognitieve gedragstherapie gebruiken’ zichtbaar verandert wanneer tijd of materiaal ontbreekt. Leg daarnaast een voorbeeld van gespecialiseerd fysiotherapeut bij ‘geavanceerde klinische praktijken in de fysiotherapie bieden’. Is het verschil door de omstandigheden ontstaan of door de eigen keuze van de uitvoerder?
Wat verandert er bij een derde beroepsprofiel?
In de groep rond ‘bijdragen aan hoogwaardige fysiotherapeutische diensten’ omvat ISCO-code 2264 met 2 profielen een van de grootste vertegenwoordigde groepen. Daaronder vallen fysiotherapeut, gespecialiseerd fysiotherapeut. Kijk je specifiek naar gespecialiseerd fysiotherapeut en fysiotherapieassistent, dan zijn er naast ‘bijdragen aan hoogwaardige fysiotherapeutische diensten’ nog 36 andere gedeelde essentiële begrippen. Eén daarvan is ‘fysiotherapeutisch materiaal onderhouden’. Voeg je fysiotherapeut toe aan de vergelijking, dan blijven buiten ‘bijdragen aan hoogwaardige fysiotherapeutische diensten’ nog 36 gemeenschappelijke begrippen over. Deze telling beschrijft verbanden tussen beroepsprofielen. Er is geen sollicitant mee beoordeeld.
Onder de essentiële taken van gespecialiseerd fysiotherapeut is ‘testen voor fysiotherapie voorschrijven’ een concrete controle voor de eerste werkproef. Voor fysiotherapeut levert ‘de fysieke toestand van klanten beoordelen’ een tweede, inhoudelijk andere opdracht op.
Vragen voor het vervolg
- Wat gebeurde er direct vóór ‘geavanceerde klinische praktijken in de fysiotherapie bieden’?
- Wie kon achteraf ‘patiëntenontslag bij fysiotherapie ondersteunen’ controleren?
- Hoe veranderde de werkwijze toen ‘technieken van cognitieve gedragstherapie gebruiken’ meer aandacht vroeg?
Bronnen
Waarover moet de kennismaking gaan?
Welke rol moet iemand straks vervullen, en wat wil je over bijdragen aan hoogwaardige fysiotherapeutische diensten te weten komen?
