| Beroepsprofiel | Andere essentiële vaardigheid | Nog een gesprekshaakje |
|---|---|---|
| schoenmaker | preassemblagetechnieken voor bovendelen van schoeisel toepassen | preassemblagetechnieken voor ondermateriaal van schoeisel toepassen |
| operator leest | machinale snijtechnieken voor schoeisel en lederwaren toepassen | afwerkingstechnieken van schoeisel toepassen |
| maatschoenmaker | technische schetsen voor schoeisel maken | ontwikkelprocessen toepassen op het ontwerpen van schoeisel |
This publication uses the ESCO classification of the European Commission. Eigen uitwerking van ESCO v1.2.0. Bronbegrip 7c7cf091-5139-4a1d-a6cd-0df9edc8f34d. Iedere rij toont gekoppelde labels, geen vereiste Nederlandse beroepsbevoegdheid.
Gesprek vanuit schoenmaker
Een schoenmaker heeft in de classificatie 17 essentiële kennis- en vaardigheidsrelaties. Vanuit ‘assemblagetechnieken voor gelijmde constructies in schoeisel toepassen’ zijn ‘preassemblagetechnieken voor bovendelen van schoeisel toepassen’ en ‘preassemblagetechnieken voor ondermateriaal van schoeisel toepassen’ twee extra ingangen voor een gesprek over dat beroep. In 5 van de 8 profielen staat de combinatie met ‘preassemblagetechnieken voor bovendelen van schoeisel toepassen’; voor de combinatie met ‘preassemblagetechnieken voor ondermateriaal van schoeisel toepassen’ is dat 5. Vraag welke rol ‘preassemblagetechnieken voor bovendelen van schoeisel toepassen’ speelde vóór iemand aan ‘assemblagetechnieken voor gelijmde constructies in schoeisel toepassen’ begon. Hoe zou een operator leest datzelfde werkmoment beschrijven als ‘machinale snijtechnieken voor schoeisel en lederwaren toepassen’ in de voorbereiding meespeelt?
Gesprek vanuit operator leest
Binnen de groep met ISCO-code 8156 komen hier 3 beroepsprofielen voor, waaronder operator leest. Twee essentiële begrippen naast ‘assemblagetechnieken voor gelijmde constructies in schoeisel toepassen’ zijn ‘machinale snijtechnieken voor schoeisel en lederwaren toepassen’ en ‘afwerkingstechnieken van schoeisel toepassen’. In de geselecteerde groep van 8 beroepen is het eerste begrip in 2 profielen essentieel en het tweede in 6. Laat iemand uit operator leest voor ‘afwerkingstechnieken van schoeisel toepassen’ de overdracht aan een collega beschrijven. Vergelijk het antwoord met dat van schoenmaker over ‘preassemblagetechnieken voor ondermateriaal van schoeisel toepassen’. Welke handeling kon de collega in beide voorbeelden zelf terugzien?
Gesprek vanuit maatschoenmaker
Voor maatschoenmaker liggen andere accenten bij ‘assemblagetechnieken voor gelijmde constructies in schoeisel toepassen’. Op de essentiële lijst met 22 begrippen staan ook ‘technische schetsen voor schoeisel maken’ en ‘ontwikkelprocessen toepassen op het ontwerpen van schoeisel’. Onder alle bronberoepen bij ‘assemblagetechnieken voor gelijmde constructies in schoeisel toepassen’ is de combinatie met ‘technische schetsen voor schoeisel maken’ 1 keer aangetroffen en die met ‘ontwikkelprocessen toepassen op het ontwerpen van schoeisel’ 1 keer. Vraag aan een maatschoenmaker wat bij ‘technische schetsen voor schoeisel maken’ zichtbaar verandert wanneer tijd of materiaal ontbreekt. Leg daarnaast een voorbeeld van schoenmaker bij ‘preassemblagetechnieken voor bovendelen van schoeisel toepassen’. Is het verschil door de omstandigheden ontstaan of door de eigen keuze van de uitvoerder?
Wat verandert er bij een derde beroepsprofiel?
In de groep rond ‘assemblagetechnieken voor gelijmde constructies in schoeisel toepassen’ omvat ISCO-code 7536 met 5 profielen een van de grootste vertegenwoordigde groepen. Daaronder vallen maatschoenmaker, orthopedisch schoenmaker, productiemedewerker leest. Kijk je specifiek naar schoenmaker en operator leest, dan zijn er naast ‘assemblagetechnieken voor gelijmde constructies in schoeisel toepassen’ nog 10 andere gedeelde essentiële begrippen. Eén daarvan is ‘voorstiktechnieken toepassen’. Voeg je maatschoenmaker toe aan de vergelijking, dan blijven buiten ‘assemblagetechnieken voor gelijmde constructies in schoeisel toepassen’ nog 9 gemeenschappelijke begrippen over. Deze telling beschrijft verbanden tussen beroepsprofielen. Er is geen sollicitant mee beoordeeld.
Onder de essentiële taken van schoenmaker is ‘preassemblagetechnieken voor ondermateriaal van schoeisel toepassen’ een concrete controle voor de eerste werkproef. Voor maatschoenmaker levert ‘ontwikkelprocessen toepassen op het ontwerpen van schoeisel’ een tweede, inhoudelijk andere opdracht op.
Vragen voor het vervolg
- Wat gebeurde er direct vóór ‘preassemblagetechnieken voor bovendelen van schoeisel toepassen’?
- Wie kon achteraf ‘afwerkingstechnieken van schoeisel toepassen’ controleren?
- Hoe veranderde de werkwijze toen ‘technische schetsen voor schoeisel maken’ meer aandacht vroeg?
Bronnen
Waarover moet de kennismaking gaan?
Welke rol moet iemand straks vervullen, en wat wil je over assemblagetechnieken voor gelijmde constructies in schoeisel toepassen te weten komen?
